Schaatsen op de landijsbaan in Rijsoord
De wind blaast rimpels in het water achter Bezoekerscentrum De IJsvogel in Rijsoord. Het is een koude wind, maar het vriest niet. “Maar dat kan ineens hard gaan”, zegt Henk van Mastrigt, ijsmeester bij IJsclub Rijsoord & Omstreken.
“Vorig jaar was er op maandag een klein laagje ijs. Op woensdagmiddag was het zeven centimeter dik en kon de ijsbaan open.” Voorzitter Jaap Heester vult aan: “Als het zover is, zijn we heel blij. Als een lopend vuurtje gaat het nieuws dan door Rijsoord. Het stroomt hier vol met kinderen en hun ouders. Dat is genieten.”
Het nieuws gaat als een lopend vuurtje.
Beide heren vormen samen met vijf anderen het bestuur van IJsclub Rijsoord & Omstreken. Zeven bestuursleden, net als bij de oprichting in 1901. Of 1902, want daar verschillen de meningen over. “De ijsclub is in november 1901 gestart en in januari 1902 officieel opgericht”, vertelt Jaap.
Nog altijd zorgt de club voor een (natuur)ijsbaan. Het doel is niet veranderd, maar de plek wel. Sinds zeven jaar maakt de club gebruik van de landijsbaan in het Waalbos, pal naast de Rijsoordse Molen. “Een laag blubbervette klei uit het Waalbos is aangetrild, waardoor de grond waterdicht is. Vervolgens zetten we het land half november onder water en is het wachten op vorst”, zegt Henk. De landijsbaan is 200 meter lang en 75 meter breed. Er staat maximaal veertig centimeter water in, waardoor het sneller bevriest. “Na twee windstille nachten met vorst kan het ijs dik genoeg zijn. Dan zetten we alle spullen alvast klaar, zoals de verlichting, de muziekinstallatie en onze zelfgebouwde koek- en zopiekeet. Daar verkopen we chocolademelk, koffie en broodjes warme rookworst. Als het zover is, zijn hier honderden mensen op schaatsen te vinden. Het is echt een feestje”, zegt Jaap.
Vijfhonderd leden
Dat zijn leden en niet-leden, want iedereen is welkom om te komen schaatsen. “Vroeger betaalden leden twee gulden vijftig. Nu vragen we tenminste vijf euro per jaar aan onze leden. Dat werkt goed, want de meesten betalen meer”, zegt Jaap. De ijsclub is flink gegroeid, van ongeveer honderd leden in 2019 naar vijfhonderd leden nu. “We vragen alle bezoekers altijd of zij lid willen worden”, zegt Jaap.
De ijsclub huurt het stuk grond van half november tot half maart. De rest van het jaar laat de hoefsmid zijn paarden op het land grazen. Om als club het hele jaar actief te zijn, organiseert de ijsclub meer activiteiten. Vorige maand was de Waalbosprestatieloop, waar 260 lopers aan meededen. “Dat was heel geslaagd en we kijken uit naar volgend jaar”, zegt Jaap. “En zodra het ijsseizoen voorbij is, staat begin maart de kanorace op de agenda. Daarna keert de rust terug en kunnen de kieviten in alle rust hun eieren uitbroeden.”